In deze categorie verzamelen wij nieuwsberichten, uit bijvoorbeeld dagbladen, welke relavant kunnen zijn voor het toerisme in Woudsend en Súdwest-Fryslân.

Bron: Reformatorisch Dagblad
Link: http://www.rd.nl/meer-rd/consument/ook-in-de-winter-is-het-goed-kamperen-1.1363890 
Datum: 3 januari 2017

Vakantie, dus tijd om de camping op te zoeken. Pardon, kamperen? Inderdaad, steeds meer kampeerders gaan ook in de winter op pad met de tent of kruipen gezellig in hun caravan.

Bij aquacamping De Rakken in het Friese Woudsend staat het kampeerterrein deze wintermaanden nog vol met caravans. Vroeger moest het hele terrein leeg zijn. Vaste gasten die hun caravan in Woudsend wilden laten staan, lieten hem verslepen.

Maar sinds een jaar of vijf kunnen de caravans ook op hun plekje blijven staan. Dat scheelt veel werk. En wie een paar honderd euro neertelt, is bovendien het hele winterseizoen welkom.

Voor de camping is winterkamperen een mooie gelegenheid om het seizoen te verlengen. „Uitbreiden kunnen we hier niet meer; maar op deze manier kunnen we wel meer omzet genereren”, zegt beheerder Otto Spoelstra.

Dubbelwandig zeil

De kampeerspullen van tegenwoordig zijn er uitstekend voor geschikt. Moderne caravans zijn geïsoleerd en in de winkels liggen ook voortenten met dubbel­wandig zeil en dikke aluminium profielen.

„Ze heten mobiele caravans, maar ze lijken meer op een chalet”, aldus Spoelstra. Ook zijn er sites om de beginnende kampeerder voor te bereiden op een winterkampeervakantie.

De Rakken zag zijn kansen groeien door het seizoen te verlengen. „Wij zijn er immers zelf ook, dan kunnen we net zo goed gasten ontvangen.”

De camping en de bijbehorende jachthaven zijn eigendom van de gemeente, die ook toestemming heeft gegeven voor het winterkamperen. De faciliteiten worden geëxploiteerd door een stichting. „We hebben hier de basis­faciliteiten. De mensen moeten naar het dorp als ze uit eten willen of voor de boodschappen.”

Luwte

Dit seizoen zijn er 33 winter­kampeerders. Ze zijn er uiteraard niet altijd, maar als het een mooi en zonnig weekeinde is, komen ze weer aanrijden. Nu is het koud en druilerig en heeft De Rakken maar één gast: Henk Jan Boll uit Dieren.

Beheerder Otto Spoelstra gaat even bij hem op bezoek. Boll heeft een mooie plek aan het water. Een beetje in de luwte. Uitzicht op terrein van Staatsbosbeheer. „In het zonnetje zit je hier heerlijk.”

Spoelstra klopt op de caravan. Geen gehoor. De glazen van gisteravond staan nog op het tafeltje, maar de eigenaar laat zich niet zien.

Boll is even de hort op, maar telefonisch vertelt hij graag over zijn winterkampeeravontuur. Dit is zijn eerste seizoen op de camping. Hij heeft er speciaal een Finse caravan voor aangeschaft: goed geïsoleerd en met vloer­verwarming. Volgens de fabrikant is het er zelfs bij min 40 graden nog behaaglijk.

Hij is er regelmatig. „Ik zit in de acquisitie in het noorden en dan is het handig om de caravan te hebben als uitvalsbasis. Maar ik ben er ook wel in het weekeinde, met mijn partner. Die vindt het hier ook heerlijk.”

Vaak gaan ze het Hegemermeer op om te varen. Waarom zou je de geneugten van de watersport alleen voor de zomer bewaren? „We zijn echte buitenmensen en houden van rust.”

Geen stromend water

Een klein nadeel van het winterkamperen is het ontbreken van stromend water. Vanwege het risico dat de leidingen stukvriezen, wordt die voorziening afgesloten.

Boll moet zijn dagelijkse voorraad halen uit het sanitair­gebouw, waarvan hij een sleutel heeft. Daar kan hij ook terecht om te douchen. „Stromend water in de caravan is natuurlijk fijn, maar niet per se noodzakelijk.”

Dat vinden Henk en Anneke Beers uit Venlo ook. „Vanaf februari, maart tot en met september, oktober zitten we eigenlijk permanent op de camping. We gaan alleen naar huis als we iets moeten regelen”, melden ze telefonisch. „Onze dochter woont in Friesland en dan zien we onze kleindochter ook nog eens.”

Bootje in jachthaven

De Venloërs komen al twaalf jaar op de camping en sinds het mogelijk is, zijn ze er ook in de winter. „We zijn al over de zeventig, maar we hopen dit nog jaren te kunnen doen.”

Ze hebben een bootje in de jachthaven. „Er is nog heel veel te zien hier. Ook wandelen we graag.” Koud hebben de inwoners van Venlo het nooit. Ze halen gemakkelijk de 22 graden in hun luxe caravan. Per winterseizoen gaan er gemiddeld zo’n acht gasflessen doorheen. „Eerst hadden we ook een elektrisch kacheltje, maar dit is voordeliger.”

Kamperen in koude maanden

Winterkamperen is geen uitvinding van camping De Rakken in het Friese Woudsend. Er zijn meer terreinen die ’s winters kampeerders toe­laten.

Zo heeft Staatsbosbeheer dit seizoen drie natuurterreinen open in de winter. Vorig jaar kampeerden er 70 procent meer kampeerders dan in het jaar ervoor. Zo zijn er honderd winter­kampeerders neergestreken op natuurcamping De Vlagberg in het Brabantse Sint Anthonis, meldde Omroep Brabant. Vijf jaar geleden spotte dezelfde omroep op dezelfde camping nog maar één stel.

Boswachter Frank van Kalleveen denkt dat winterkamperen steeds populairder wordt. „Volgens mij is er sprake van een landelijke trend. Er zijn in Nederland 23 campings die in de winter open zijn, en daar wordt goed gebruik van gemaakt. Winterkamperen neemt een hoge vlucht.

Van Kalleveen is zelf ook winter­kampeerder. „De natuur beleef je veel intenser in de winter.”

Bron: The Boston Globe, by Diane Daniel Globe Correspondent
Link: https://www.bostonglobe.com/lifestyle/travel/2016/11/17/biking-netherlands/hpFlbNiEMJnrQteyRnPnUM/story.html
Datum: 18 november 2016

the boston globe

LEEUWARDEN, The Netherlands — The brilliant green fields sprinkled with black-and-white spotted cows along the highway leading to the capital of Friesland were not unexpected. This was, after all, the most northern province of the Netherlands, famous for its Frisian cattle and pastoral perspectives.

But what was that giant bathtub-looking thing straddling the roadway?

That, my wife, Selina, explained, pointing out the tops of boats I’d missed bobbing atop it, was an aqueduct. The province’s 11 viaducts carry waterways over roadways to enable boat traffic to sail through without stopping for drawbridges — though there are still plenty of those around, too. While it’s common knowledge that bicycles outnumber people in the Netherlands, here in Friesland, with almost as much water as dry land, anything that floats probably runs a close second.

“To me, Friesland is known for doing whatever it takes to facilitate boat traffic,” said Selina, raised in a bordering land-locked province. “Everything else comes after that.”

By the end of our five-day bicycle tour, I saw her point. We had stopped at more open drawbridges than traffic lights and had logged a good number of extra miles simply to get from one side of a waterway to the other, be it by bridge, a bike path under an aqueduct, or by ferry. But that was OK with us. By plotting a leisurely route, we had plenty of time to soak up the sights in cities, towns, fishing villages, and along the countryside.

We followed a 150-mile loop bicycle route called the Elfstedenroute, or 11-Cities Route, inspired by the Elfstedentocht, a historic ice-skating race. The skating tour became official in 1890 and follows canals and other shallow waterways. It’s held over one day any year the water freezes solidly enough — which isn’t often. The last Elfstedentocht occurred in 1997, but the Dutch remain ever hopeful.

Meanwhile, the 11-city premise grew to include cycling, in-line skating, driving and, of course, boating. Several people we encountered boasted about doing the organized Fietselfstedentocht, a spring event where some 15,000 of cyclists ride the course in one grueling day. Not to make excuses, but we were certainly not alone in our lollygagging. These days, many bicycle travel outfitters lead multiple-day rides along the route or offer self-guided options, supplying bikes, maps, luggage transportation, and lodging. Cycle path surfaces vary from paved to gravel and dirt, sometimes on the road, other times through the woods and over pastures. One trail took us along a dike with sheep that did not grasp the concept of “share the road.” Small signs mark the entire route, but weren’t always easy to spot, and we lost the route a few times.

Because Selina and I live in the Netherlands, it was easy for us to bring our own bikes and stash the car. We also took the opportunity to try out Vrienden op de Fiets, or Friends on Bikes, a sort of budget-minded nonprofit Airbnb for human-powered travelers, whether biking, skating, hiking or rowing. Anyone can be a member (the website includes English) and lodging costs about $22 a person a night to stay in someone’s home, with breakfast. While our accommodations varied in type and location, rooms were always clean and breakfasts were filling. Most interactions with hosts felt less like cultural exchanges than friendly business transactions, but the experience might be different for international travelers.

Though riders can pick up the Elfstedentocht anywhere along the route, it officially begins and ends in Leeuwarden, a city of about 96,000, known for its canals, historic center, and culture, which will be most prominently on display in 2018, when Leeuwarden and the entire province takes a turn as a European Cultural Capital.

Leeuwarden’s most impressive artistic stop is the Fries Museum, first opened in 1880 and since 2013 housed in a striking contemporary building on one of the main squares. It includes contemporary and earlier art, along with historical displays, such as one on hometown girl Mata Hari, convicted of spying for the Germans in World War I and executed in France in 1917.

As you walk from level to level, you can practice the province’s two languages, thanks to the stairwell wall covered with words in both Dutch and Frisian, the province’s official language and one of two recognized languages in the Netherlands. While Dutch is more commonly seen and spoken, many signs in Friesland are shown in both languages, and some parts of the region cling tightly to their own tongue. Frisian pride also is evident in its blue and white flag dotted with what look like red hearts but are meant to signify the leaves of water lilies.

Our first day of cycling, to the small watery city of Sneek, included typical Frisian weather: a little sun mixed with clouds and rain, topped with 20 mph winds — the so-called “Dutch hills.” During our visit in early August, shifting winds throughout the week taunted us with more headwinds than tailwinds, and the skies remained mostly gray.

The other “hills” we encountered throughout the flat province were “terpen,” artificial mounds built to protect residents from flooding before dikes were first constructed here in the 11th century. Some villages’ elevation changes are nearly imperceptible, while tiny Hogebeintum sits atop the Netherlands’ highest terp, measuring 29 feet tall.

My personal Dutch guide clued me in about the fields in the middle of nowhere planted with lights on tall poles — they’re flooded in the winter for ice skating. Selina spied another kind of field as well, those designed for playing kaatsen, a traditional Frisian game related to American handball. We were hoping to encounter yet another Frisian sport — fierljeppen — a bit like pole vaulting, but over water-filled ditches. No such luck, but we saw signs for upcoming fierljeppen competitions.

Other Frisian traditions were in high season, including races on skutsjes, the traditional Frisian flat-bottom sailing vessels, first used in the 1800s to transport peat. While we didn’t make it to any of the competitions, every day we saw plenty of people boating and sailing, many gliding near us while we cycled along bike paths a few feet away.

My favorite stops were the towns of fewer than 1,000 people, including Sloten, whose highlights are a drawbridge and windmill; and Stavoren, a historical fishing village on the massive IJsselmeer, or Lake Ijssel. Before reaching town, we watched more than 100 kite surfers compete for space in a curve of the lake.

In canal-lined Hindeloopen, a former fishing village turned adorable tourist town, we visited the Bootsma family business. There, family members paint swirly decorations on furniture in a local tradition similar to early American furniture, serve Dutch pancakes (a bit like pizza) in their restaurant, and operate the must-see Schaatsmuseum, or Skating Museum, a cheery, cluttered compendium of all things ice skating.

Other quirky museum stops included the Jopie Huisman Museum in Workum, which celebrates the native son and national hero, whose 20th-century paintings depict local life; and the Eise Eisinga Planetarium, housed in a canal-side house in Franeker. Eisinga’s former living room ceiling holds the world’s oldest functioning planetarium – an accurately moving clockwork model of the solar system he built between 1774 and 1781.

Our final day of cycling, from Dokkum back to Leeuwarden along a barge canal flanked by graceful reeds, might have topped them all for scenery had the wind and rain not clouded the view and our moods. We pushed through, and headed straight to the café at the Fries Museum to dry off, warm up, and fortify with “suikerbrood,” a standard Frisian sweet akin to a cinnamon bun.

Driving south along a four-lane highway on our way home a few hours later, I couldn’t believe the cause of the holdup we encountered – a drawbridge was up. A drawbridge on a high-speed roadway? Selina told me that an aqueduct is on the region’s wish list, but more funding was needed. Until then, the cars would just have to wait.

Bron: Bolswards Nieuwsblad
Link: http://www.bolswardsnieuwsblad.nl/nieuws/48872/opnieuw-stijging-toerisme-sudwest-fryslan
Datum: 4 november 2016

SNEEK – Het aantal watertoeristen in Súdwest-Fryslân is dit jaar opnieuw omhoog gegaan. Dit leidt de gemeente af aan het aantal brugdoorvaarten. Dit jaar voeren tot en met september 357.496 vaartuigen door de bruggen, tegen 320.706 in dezelfde periode vorig jaar. Dit een toename van ruim 11 procent.

opnieuw stijging toerisme

Mooie nazomer

Het toeristisch seizoen kwam langzaam op gang door het koude voorseizoen, maar de zomer en vooral de mooie nazomer maakten de aarzelende start ruimschoots goed. Dit zijn althans de bevindingen van de VVV Súdwest-Fryslân en een aantal campings en jachthavens in de gemeente.

De brug van Woudsend

De tellingen bij bruggen en sluizen laten gemeentebreed hetzelfde zien: overal passeerden meer boten. De vaarroute van Sneek naar Woudsend, via IJlst en Osingahuizen, trok dit seizoen zelfs ruim 17 procent meer vaartuigen. De brug in Woudsend – een belangrijke vaarverbinding tussen de Hegemer Mar en de Sleattemer Mar – boekte met 41.877 vaartuigen de meeste passages.

‘In de lift’

“Het is positief nieuws voor de recreatiesector dat er meer bezoekers en vaarbewegingen zijn”, zegt wethouder Maarten Offinga. “Het lijkt er op dat het toerisme weer in de lift zit.” Hij doelt onder andere op een flinke groei – 17 procent – van het aantal bezoekers van de HISWA te water, de jaarlijkse bootshow in Amsterdam. “Mensen zijn weer op zoek naar een boot en willen in ‘ús moaie Fryslân’ vakantie vieren.”

Samenwerking

In de afgelopen jaren hebben de gemeente en de provincie meer dan 15 miljoen euro in het toerisme geïnvesteerd, onder andere in het kader van het Friese Merenproject. “De toeristische voorzieningen, noem het de ‘hardware’, zijn op orde”, stelt Offinga dan ook. “Nu is het de uitdaging om de ‘software’, het verleiden van de toerist, goed te organiseren.” Samenwerking op provinciaal niveau is daarbij het sleutelwoord, meent hij. “Want als de toerist naar Fryslân komt, is onze gemeente ook in beeld. Er valt hier veel te beleven, zeker als het om waterrecreatie gaat.”

Nieuwe toeristische trends

Maar Súdwest-Fryslân is ook bij andere doelgroepen in trek. Zo waren er dit seizoen flink meer mensen in de gemeente op fietsvakantie. Ondernemers en de nieuwe regionale toeristische organisatie maken in toenemende mate arrangementen voor de sportieve en dynamische toerist. Offinga: “Wij willen als gemeente ‘útnûgjend’ zijn. Maar de ondernemers in de sector zijn de echte ambassadeurs en doen geweldig werk. Zij verdienen een compliment!”

In het Duitse weekblad Stern staat in editie 30 (21-07-2016) een artikel over watersport in Fryslân, met daarbij als hoofdfoto een mooie opname van Woudsend gezien vanaf de brug. Het artikel begint met het verhaal van brugwachter Jan Zijsling, hij vertelt dat de brug in Woudsend in het hoogseizoen gemiddeld 80 keer per dag open gaat en dat er dan 800 boten doorvaren. Een mooi artikel over een bijzonder gebied.

stern logo

Klik op de foto's om het artikel uit te vergroten.

ster woudsend 1a

ster woudsend 1b

Woensdag 27 juli 2016 zal om 14:00 uur de wethouder van de Gemeente Súdwest-Fryslân de nieuwe passantenhaven openen, het betreft de afronding van de eerste fase van het project.
De bouwhekwerken blijven na de opening deels aanwezig, de bestrating en de inrichting van de omgeving zijn nog niet gerealiseerd.
Tijdens de zomervakantie kunt u als passant overdag gratis aanleggen met uw boot.
In september wordt er verder gegaan met het realiseren van de tweede fase van de passantenhaven in Woudsend, het project is aan het einde van het jaar geheel afgerond.

passantenhaven woudsend 24 07 2016 03

passantenhaven woudsend 22 07 2016 01

passantenhaven woudsend 22 07 2016 02

Bron: Woudsend Online
Link: http://www.woudsendonline.nl/nieuws/blik-op-werkzaamheden-passantenhaven-woudsend#.V3fXpbiLSUk
Datum: 2 juli 2016

aanleg passantenhaven woudsend

De werkzaamheden voor de aanleg van de passantenhaven bij de jachthaven van Recreatiecentrum De Rakken in Woudsend zijn in volle gang. Op bovenstaande luchtfoto van Atsma Grond-, Weg- en Waterbouw B.V. uit Uitwellingerga zijn de contouren van de toekomstige situatie goed te zien. In de eerste fase, die tot eind juli duurt, wordt de passantenhaven met ontsluiting naar het vaarwater De Rakken gemaakt. De 2e fase start half september en zal tot het einde van het jaar duren. Bekijk ook de videodie door de aannemer met een drone is gemaakt.

Bron: Balkster Courant
Link: http://www.balkstercourant.nl/nieuws/38338/kunst-aan-de-ee-feestelijk-geopend
Datum: 19 juni 2016

Woudsend Vrijdag is Kunst aan de Ee in Woudsend feestelijk geopend.

Circa 150 kunstenaars en genodigden waren getuigen van toespraken van Mirjam Bakker, wethouder van Súdwest-Fryslân en Alex Bonnema, directeur van woningcorporatie Elkien. Mirjam Bakker: ‘Onze gemeente voert een actief cultuurbeleid. Daar past het initiatief van Kunst aan de Ee naadloos in. Een zeer gevarieerde expositie. Wij zijn als gemeente trots op Woudsend.' Alex Bonnema: 'Het pand van Woudsend Verzekeringen gaat zo snel mogelijk geschikt gemaakt worden voor seniorenappartementen. Tot het zover is vinden wij het geweldig dat het pand op deze manier kan worden ingezet.’

Daarna volgde de voorstelling ‘Het Ei’ van theater Suer. Een oer-oud verhaal over geboorte en liefde in een decor van unieke kostuums, objecten en attributen.

Meer informatie over Kunst aan de Ee: www.KunstAanDeEe.nl

kunst aan de ee feestelijk geopend

Bron: Telegraaf
Link: http://www.telegraaf.nl/vaarkrant/25651212/__Kom_varen__.html
Datum: 24 april 2016

Nog een week en dan gaan in heel Nederland de trossen los voor de derde editie van de Week van de Watersport. Altijd al willen zeilen? Zelf een bootje kopen? Liever suppen of flyboarden? Maak kennis met al het moois dat de watersportwereld te bieden heeft. Een kleine greep.

“Plezier op het water. Of dat nu op een elegant zeilschip is, in een kano in de sloot of op een sloep door de grachten. Tijdens de Week van de Watersport willen we graag dat iedereen kan ervaren hoe leuk het water is. Het Watersportverbond en Hiswa Vereniging omarmen daarom dit evenement.   Dit jaar is Elburg Yachting, een van de grootste, internationaal werkende jachtmakelaars van Nederland, de hoofdsponsor. Het bedrijf ligt aan de doorgaande vaarroutes van de Randmeren en zet net als veel andere watersportbedrijven en verenigingen tijdens de Week van de Watersport haar deuren wagenwijd open voor alle belangstellenden.

Ook in deze derde editie van het evenement richt de watersportwereld extra pijlen op de jongere generatie. Kim: “Niet iedereen groeit op met een boot, of in de buurt van het water. Maar de watersport is zo’n heerlijke vrijetijdsbesteding. Dat zouden zoveel mogelijk mensen moeten beleven. En dat kan ook, want het is een stuk laagdrempeliger dan je misschien denkt. In heel Nederland organiseren watersportverenigingen en nautische bedrijven daarom een week lang activiteiten op en rond het water.” 

Het oergezellige Friese Woudsend opent het watersportseizoen komend weekeinde met de jaarlijkse Sleepbootdagen. “Meer dan zestig authentieke schepen, monumenten haast, zijn te bezichtigen langs de Iewal. Er is een boerenmarkt, een kunstmarkt en een drakenbootrace. Ook kunnen rondvaarten en excursies worden gedaan, bijvoorbeeld naar Natuureiland De Gouden Boaiem, een bijzonder natuurgebied voor weidevogels. Daarnaast worden de 160 kunstwerken die onze basisschoolkinderen hebben gemaakt binnen het thema scheepvaart geëxposeerd”, vertelt leider van het project KinderKunst Woudsend Yolanda van Dongen enthousiast.

Voor meer actie kun je vanuit Woudsend de veerdienst nemen naar Heeg. Daar zet specialist in groepsuitjes op het water H2OEvents de waterstraal vol open. “We gaan flyboarden; dat moet je gewoon een keer gedaan hebben”, zegt Dirk Hengst. “We openen het seizoen deze dag met een paar mooie shows. Daarna kunnen liefhebbers zelf een poging wagen op een flyboard.  Het is een totaal andere beleving dan bijvoorbeeld skûtsjesilen, wat we ook voor groepen organiseren. Flyboarden is spannend. En gek. Een combinatie van duiken als een dolfijn en vliegen als een vogel over het water. In de zomer zullen we weer van camping naar camping treken met onze flyboardclinics.” 

Actie van een heel andere orde is er zaterdag 30april in de Bataviahaven van Lelystad op de zogenaamde Dag van de Watersport. Daar wordt afgetrapt met de Cornelis Race, een groots maritiem festival. Organisator Ranco van Bergeijk: “De gehele dag zijn in de haven activiteiten voor jong en oud, waaronder bungee-roeien, zeilen in Optimisten en een maritieme markt. Op een oud kofschip zullen scouts oude tijden laten herleven met ambachten als vis roken en touwslaan.  Ook de KNRM Reddingbootdag maakt onderdeel uit van het programma”, vertelt hij. “Donateurs kunnen mee het Markermeer op om te zien wat al die vrijwilligers nu precies doen op het water. Spectaculair wordt ook de ‘Foilingdag’ die het blad Zeilen organiseert. Weleens foilende boten gezien? Het is prachtig. Catamarans en de nieuwste zeilboten komen op draagvleugels letterlijk los van het water.”

Een stukje verderop, in de Marina Eemhof in Zeewolde, nodigt Suzuki Marine toekomstige watersporters uit om ‘los’ te gaan. En wel op het Eemmeer. Hier ligt zaterdag een leuke verzameling boten klaar om uit te proberen. Van rustige sloepen en RIB’s tot sportieve ‘krachtpatsers’ met buitenboordmotoren tot wel 300 pk. Neem vooral vrienden, bekenden en kinderen mee. Want bij de Beachclub is ook veel te doen: van kanovaren en suppen tot zeilen.

 “Als kind van een Vietnamese bootvluchteling bracht het water me ooit naar Nederland, naar Friesland”, vertelt Kim Luu. “Inmiddels woon ik midden tussen de watersporters aan de rand van Amsterdam. Je hoeft, net als ik, zelf geen boot te bezitten om te genieten van het water. Je kunt tegenwoordig overal heel makkelijk bootjes huren, kanotochten doen, een zeilkamp of bijvoorbeeld een kitesurfclinic volgen. Watersport betekent voor de een: ‘beuken tegen de golven’ of ‘aan een trapeze hangen in de wind’. Voor de ander is het: ‘lekker kabbelen door dorpjes met muziek en wijn’. En soms is watersport juist helemaal alleen met jezelf en je gedachten zijn en met peddel of board door de natuur trekken. Maar in alle gevallen is het effect hetzelfde. Een gevoel van vrijheid; een soort vakantie.”

De Week van de Watersport wordt gehouden van 30 april tot en met 8 mei.

Bron: ANWB website
Link: http://www.anwb.nl/vrije-tijd/nieuws/2015/november/anwb-behoudt-toeristische-autoroutes
Datum: 3 november 2015

Toeristische Autoroutes alleen nog te rijden vanaf papier

De 47 toeristische autoroutes van de ANWB blijven beschikbaar voor een breed publiek. Dit ondanks een forse ingreep in de beheer- en onderhoudskosten, waaronder het verwijderen van de bruine zeskantige bewegwijzeringsborden. De ANWB-autoroutes zijn voortaan te printen vanaf een speciale autoroutesite.

Vier autoroutes blijven wél zichtbaar vanaf de weg. Daarbij gaat het om de befaamde Mergellandroute (Zuid-Limburg), de Sallandroute, de Sagenlandroute en de inmiddels 50-jarige grensoverschrijdende Hamalandroute (alle drie in Overijssel/Twente). Deze autoroutes zijn geheel in oude luister en blijven, door financiële steun van de regio, met routebordjes bewegwijzerd.

Op vier na zijn de toeristische routes voortaan alleen te printen vanaf de site www.anwb.nl/autoroutes. De bekende bruine zeskantige routeborden langs de wegen verdwijnen daarmee grotendeels uit het landschap. Zij worden de komende maanden verwijderd. Deze routes zijn dan alleen nog vanaf papier te rijden.

Breed publiek

De toeristische routes, waaronder ook de vier nieuwe Deltaroutes voor de auto, die in samenwerking met Rijkswaterstaat zijn ontwikkeld, genieten grote belangstelling onder oldtimerrijders, motorrijders en ouderen die genieten van een ‘dagje toeren’ door de streek.

Toeristische Autoroutes

De toeristische autoroutes van de ANWB werden in het begin van de jaren zestig op verzoek van de rijksoverheid door de ANWB uitgezet en bewegwijzerd met zeskantige bordjes. Met als doel ‘zondagsrijders’ en recreatieve autorijders van de schaarse hoofdwegen af te leiden om de normale doorgang te garanderen. De routes zijn oorspronkelijk bedoeld om op een veilige manier, met zo min mogelijk zoekgedrag kennis te maken met een regio. De route vormt een aaneenschakeling van interessante uitstappunten bij toeristische hoogtepunten, uitspanningen en de mooiste delen en weggetjes van de streek. De printbare route en de beschrijving staan garant voor een “ouderwets” dagje toeren door Nederland.

Motorrijders

Motorijders kunnen de gpx-bestanden van de autoroutes downloaden op de (motor)navigatietoestellen van Garmin en Tomtom via www.anwb.nl/motor/motorroutes/nederland*.

*Link aangepast door Touristinfo Woudsend

Bron: Friesch Dagblad
Link: http://www.frieschdagblad.nl/index.asp?artID=69672
Datum: 18 juni 2015

Ze zijn relatief duur, worden geregeld gestolen en zijn bovendien niet meer van deze tijd. De uitgepijlde autoroutes van de ANWB - met de bekende zeshoekige bordjes - zullen verdwijnen. Zowel de provincie en recreatieschap Marrekrite als de ANWB zien er geen heil meer in. Het is ruim vijftig jaar geleden dat de ANWB begon met het uitzetten van toeristische autoroutes door Fryslân. Omstreeks 1963 gebeurde dat als eerste met de Friese Woudenroute en de Merenroute.Het concept met de zeshoekige bordjes bleek een succes: tienduizenden automobilisten kochten de bijbehorende routebladen en in de jaren daarop besloot de ANWB tot het uitpijlen van nog meer routes. Eén daarvan, de Terpenroute, leidde langs de Lauwerszee en zou goed aansluiten op een excursie naar het toenmalige werkeiland in de Lauwerszee - nu Lauwersoog. De routes zijn destijds uitgezet met hulp van Keimpe Sikkema, de toenmalige directeur van de Fryske Akademy.

Tegenwoordig zijn er nog vijf routes in Fryslân: de Friese Merenroute, de Havenstedenroute, de Lauwerslandroute, de Terpelânroute en de Veen en Woudenroute. Het onderhoud van de bordjes is volgens de ANWB relatief duur, vooral omdat het geregeld voorkomt dat mensen een bordje stelen als 'souvenir'. Ook zijn steeds moeilijker vrijwilligers te vinden die eens in de zoveel tijd controleren of alle bordjes er nog hangen. Het alternatief, een bedrijf die controles laten uitvoeren, kost veel geld.

Onlangs maakte de ANWB bekend dat de bordjes om die reden zullen verdwijnen. De 43 autoroutes in heel Nederland kunnen nog wel worden gereden, maar dan moeten automobilisten de digitale versie gebruiken en die bijvoorbeeld inladen in hun navigatiesysteem.